Wat te doen bij uitvoeraangifte gevolgd door douanevervoer met TIR-carnet

10 mei 2010
De Douane heeft de afgelopen weken vragen gekregen over de procedure bij een uitvoeraangifte, gevolgd door een aangifte douanevervoer met een TIR-carnet. Per 31 januari moet een Trader at Exit in het kader van het uitgaan een elektronische aankomstmelding doen. In onderstaand overzicht ziet u welke situaties die zich kunnen voordoen bij deze aangifte en hoe u hierbij moet handelen. Heeft u hierover nog vragen? Neem dan contact op met de BelastingTelefoon Douane, 0800 – 0143.


Informatie voor het bedrijfsleven over uitvoeraangifte gevolgd door
douanevervoer met een TIR-carnet

De afgelopen weken zijn bij de Douane vragen binnengekomen over uitvoer gevolgd door douanevervoer met een Carnet TIR. Een deel van de vragen wordt veroorzaakt door de manier waarop de (weder)uitvoer aangifte wordt ingevuld. .

Op grond van artikel 793 Toepassingsverordening Communautair Douanewetboek (hierna TCDW) kan een uitvoeraangifte worden opgevolgd door een aangifte voor douanevervoer. Het kantoor van vertrek bij de aangifte voor douanevervoer wordt dan het kantoor van uitgang voor de uitvoeraangifte.

Deze procedure wordt ook wel aangeduid met de term ‘fictief uitgaan’.
Op de aangifte voor douanevervoer brengt de Douane of de Toegelaten afzender in rode letters het woord ‘export’ aan, zodat het voor betrokkenen (bedrijfsleven en douane) duidelijk is dat het een uitvoerzending is.

Sinds 31 januari 2010 zijn voor de uitvoer 2 zaken relevant:
1. Bij het kantoor van uitgang moet een trader at exit een aankomstmelding doen
2. In het Export Controle Systeem moet het uitgaan worden vastgelegd.
Pas als aan deze 2 ‘formaliteiten’ is voldaan, verstuurt het ECS een Bevestiging van Uitgaan (Confirmation of Exit) naar de indiener van de uitvoeraangifte.

Er zijn 2 situaties te onderscheiden:
A. het kantoor van uitvoer is niet gelijk aan het kantoor van uitgang
Na vrijgave van de uitvoeraangifte gaat u de goederen nog vervoeren: u vult dan vak 26 van de (weder)uitvoeraangifte in.

Er zijn hierbij 2 mogelijkheden:
1. Als u in de uitvoeraangifte de code voor het TIR-Carnet (N952) invult, stuurt DSU geen bericht aan ECS. Het is dan ook niet nodig om een aankomstmelding te doen. . Het bewijs dat de goederen daadwerkelijk de EU hebben verlaten kunt u leveren door middel van een derde exemplaar van de uitvoeraangifte of eventueel alternatief bewijs ex art. 796 quinquies, lid 4 TCDW.
2. Als u in de uitvoeraangifte de code voor het TIR-Carnet (N952) niet invult, doen wij als Douane de aankomstmelding voor de uitvoeraangifte voor u op het moment dat u de goederen aanbrengt op het kantoor van vertrek voor het TIR-carnet. Wij leggen daarna ook het ‘uitgaan’ vast in ECS. Vervolgens
ontvangt u van ECS de Bevestiging van Uitgaan (Confirmation of Exit).

B. het kantoor van uitvoer is gelijk aan het kantoor van uitgang.
Na vrijgave van de uitvoeraangifte gaat u de goederen niet meer vervoeren: u laat dan vak 26 van de (weder)uitvoeraangifte leeg.
ECS genereert automatisch een aankomstmelding. Als u een juiste verwijzing in het vervoersdocument opneemt naar de uitvoeraangifte, registreert ECS het “fictieve” uitgaan. ECS stuurt u daarna een Bevestiging van Uitgaan.